WeRead Powered by ReaderPub
De complete werken van Joost van Vondel. Op de Aankomste van de Koninginne van 't Zuiden te Hierusalem, [etc.] cover

De complete werken van Joost van Vondel. Op de Aankomste van de Koninginne van 't Zuiden te Hierusalem, [etc.]

Chapter 3: Klinkert.
Open in WeRead

Explore more books like this:

About This Book

A sequence of devotional and occasional poems treats Christian subjects through lyrical and didactic verse. Recurring motifs include mortality, resurrection, the Last Judgment, Christ's passion and ascension, and Pentecostal inspiration. Several pieces are rendered as psalm-based songs, meditative translations, and liturgical odes that address communal worship moments. The tone shifts between admonition and consolation, urging moral renewal, strengthened faith, and readiness for divine reckoning.

OP DE AANKOMSTE VAN DE
KONINGINNE VAN 'T ZUIDEN TE HIERUSALEM.

Klinkert.

Ei! ziet, wat schoonder Zon verlaat de Zuider palen[1],
Opheffend' haar perruik, die op de vorsten smaalt[2]
Met steenen, daar natuur op 't Goddelijkst meê praalt;
Wat ijver perst haar doch zoo wijd te loopen dwalen?
Hoe nu, is 't om een peerl nog aan haar kroon te halen?
Ach! neen, de liefd' die heeft haar eedle borst gewond,
Om smaken, hoe den dauw, uit 's wijzen konings mond,
Veel liefelijker vloeit als honig in de dalen;
Een vrouwe, eene koninginne, en heidene, die komt
Beschamen onzen roem, hoe schoon die is verblomd[3]:
't Licht van dees gouden lamp wischt, met zijn groote klaarheid,
Al onzen luister uit, vermids wij, zwaar gejokt[4],
Ons Kristus' wijsheid nooit zoo wijd heeft uitgelokt:
Dies derven wij het heil van de aangeboden waarheid.
DOOR EEN IS 'T NU VOLDAEN.

[1] grenzen, landen.

[2] blinkt.

[3] versierd.

[4] gejukt, belast; een zoogenoemde afgebroken zin, welks onderwerp in den volgenden regel voorwerp wordt.