Het Leven der Dieren: Deel 2, Hoofdstuk 10: De Stootvogels
Explore more books like this:
About This Book
Recente herindelingen plaatsen verschillende watervogels samen in een nieuwe orde en leiden over tot een uitvoerige beschrijving van de grijpvogels: hoofdzakelijk vleeseters die hun prooi vangen of aas nemen, met een bouw die aan papegaaien doet denken maar met sterk gekromde, haakvormige snavels en krachtige, sikkelvormige klauwen om prooien te grijpen en verscheuren. Het verenkleed varieert, de slag- en stuurpennen zijn lang, en het spijsverteringsstelsel is aangepast aan vleesvoeding. Het gezichtsvermogen en gehoor zijn zeer ontwikkeld terwijl reuk zwak is. Veel soorten tonen grote intelligentie en sociale verbondenheid, produceren weinig melodieuze klanken, komen wereldwijd voor, trekken soms en broeden meestal eenmaal per jaar in het voorjaar.