1 Deze plaats wordt op verschillende wijze uitgelegd. De een schreef, dat Boccaccio bedoelde te zeggen, dat zijn boek voorop niet den naam droeg van den auteur; anderen zeiden, dat hij wilde zeggen zonder titel n.l. zonder aan iemand te zijn opgedragen (wat aan Filippo Villani het waarschijnlijkst voorkomt); weer anderen, omdat de naam Decameron eerder dan een ware titel de indeeling er van aanduidt. ↑
4 De berg Asinajo of meer algemeen gezegd Senario, tusschen la Sieve en il Mugnone, tien mijlen van Florence, waarop sinds onheugelijke tijden een klooster stond. ↑
7 De maremma (zeekust) is het moerassig gedeelte van het land bij Venetië aan zee. Op de wereld of aan de maremma is een schertsende uitdrukking gelijk in het hollandsch: alles en nog wat. ↑
8 Boccaccio had blijkbaar een hekel aan de Venetianen. Eerst heeft hij ze leeghoofden genoemd en hier oneerlijk. ↑
10 Candia, moderne naam voor het eiland Creta, die Boccaccio schijnt te gebruiken voor de hoofdstad daarvan. ↑
11 Guiglielmo, de tweede koning van Sicilië, maar door anderen de vierde genoemd; vandaar dat Pandolfo Collenuccio schrijft: Guiglielmo de tweede in de regeering, maar de vierde in de volgorde der Guiglielmo’s. Hij regeerde van 1149 tot 1164. ↑
12 Inderdaad beklom Ruggiero IV, nadat de Sicilianen den vader in 1161 hadden afgezet, den troon in diens plaats, maar hij werd na enkele dagen vermoord. ↑
13 De Moorsche heerschappij van Granada in het zuiden van Spanje werd eerst gegrondvest in 1238; dit is dus een anachronisme van Boccaccio. ↑
14 Wie in de Middeneeuwen op de valkenjacht ging, droeg dien vogel op de vuist en opdat de sterke klauwen van het dier de hand niet kwetsten, hield men die bedekt met een handschoen van zeer dik leer. Dat verklaart het spottend antwoord van Gerbino. ↑
17 Deze novelle van onzen Boccaccio, zegt Manni, wordt bewaarheid in de getuigenis door mij met veel zorg ontleend aan een geschiedenis van uit Brescia bevestigd, welke Elia Cavriuolo Giureconsulto heet, waar zij omstreeks 1378 als historisch in omloop was. ↑
18 De beroemde florentijnsche dokter Targioni dacht van deze novelle, dat die eer verzonnen zou zijn dan waar, hoewel eenige artsen die als waar hebben opgevat en voornamelijk Antonio Mizaldo Monluciano. Zoo beschouwde haar ook Manni, die onderstelde, dat het geval hierin verhaald plaats had in 1325 of niet veel later. ↑
19 Er was werkelijk in Florence een familie dei Sighieri en Manni zag het testament van een zekeren Giovanni Sighieri met den datum van 1363, waarin goederen genoemd zijn, die deze familie bezat, in het gebied van Carpentras in Provence. ↑
20 Men kan een authentiek bewijs lezen van dit voorval tusschen Roussillon en Gardestagne in het leven, dat van den laatste uit het Provençaalsch is vertaald door Crescimbeni, waar men het bijna woord voor woord vertaald vindt. Die Gardestagne was een beroemd dichter uit Provence en deze noemt hem Capestani, gene Cabestain, en een ander Casteign, terwijl Crescimbeni hem op zijn italiaansch Cabestano noemt. Zijn schoone verzen verliefden de vrouw van Roussillon en veroorzaakten haar dood, waarvan Petrarca ter verklaring zeide:
en die Guglielmo,
Die door gezang zijn bloei van dagen kortte.
Aldus Martinelli. Het kasteel van Roussillon verrees, naar men gelooft, bij de stad Apt, waar nog steeds een dorp bestaat, dat Castel Roussillon heet. ↑