COLOFON
|
bron / correctie, commentaar of verklaring
(asterisk = terug naar tekst)
DE BIEZENSTEKKER
* stronkelige / stronkelen: struikelen
* IJëlt ou / Haal uw
* tersluips / tersluiks
* één voor éen / er worden verschillende schrijfwijzen gebruikt voor het geaccentueerde woord "een".
* dáar / er worden verschillende schrijfwijzen gebruikt voor het geaccentueerde woord "daar".
* hêt 't mij g'hieten / heeft het mij geboden
VAN ALLEIJNES' ZIEL
* D' ien ziele / D'ien ziele - De ene ziel
* te gemoet / wordt viermaal op deze manier geschreven.
* En midden in den nacht stond hij op holde hij de velden in! / En midden in den nacht stond hij op en holde hij de velden in!
* sparrenbosschen / in regel 2560: sparrebosschen
* lippend gillend / onduidelijk wat "lippend" betekent
* ontaarden / ontaardden
* sparrebosschen / in regel 2363: sparrenbosschen
* heije / heide
* poeïerde / poederde
BLANCHE
* moeielijker / moeilijker
* stuik / Een geheel van acht of tien schoven graan, op het land tegen elkaar geplaatst om te drogen.
* noenstond / tijd omstreeks het middaguur.
* ankylose / gewrichtsverstijving
* verloomde / verlo(o)men: loom, mat worden
* anwoordde / antwoordde
* oest / oogst
* garf / bos afgemaaide en samengebonden graanhalmen.
* lijzemeelpap / lijnmeelpap
* beteren. / beteren."
* prostratie / toestand van lichamelijke en geestelijke uitputting.
* all' / alle
* scharten / Zich tallooze kleine en onplezierige moeiten geven om een doel te bereiken.
* geroopen / geroepen
* hiëratische / verheven-streng, sober van expressie
PERMENTIERS WRAAK
* Permetier / Permentier
* koddebeier / jachtopziener
* brugedier / brigadier
* Spiessen's / Spiessens'
* en bier, klaar gemaakt / en bier klaar gemaakt
* Meïe / mei
* karot / rol gesausde pruimtabak
* galon / lint- of koordvormig weefsel, m.n. als versiering van uniformenen livreien
* obcessie / obsessie
* Lefaucheux / Frans legerpistool
* bandelier / brede draagriem of band over schouder en borst, waaraan de patroontas of de sabel werd gedragen.
* indentiteit / identiteit
* garde-chasse / jachtopziener
* Opnieuw er was / Opnieuw was er
* puëriel-barbaarsch / kinderlijk-barbaarsch
* makis / maquis (dicht, ondoordringbaar struikgewas)
* verheler / heler
* clairière / open plek in bos
* alleeën / mv. van allee - dreef
* boan "afliggen" / de weg afsnijden
* Hêt-e grof leud? / Heb je grove hagel?
* kruisweg / snijpunt van twee wegen (vaak genoemd in verband met allerlei bijgeloof) - synoniem: viersprong
* iewat / ietwat
* gejaagheid / gejaagdheid
* Permentiers / Permentiers'
DE VERLOSSING
* kasuifel / kazuifel
* mystische / mystieke
* foule / massa
* zijn zaken goed te roer te staan /aan het roer staan; te roer staan - het bestuur, de leiding in handen hebben
* berooving / het missen, het ontbeeren van iets
* chimerisch / monsterachtig, hersenschimmig
* jeugdsherinneringen / jeugdherinneringen
* ontzichtbare / ontzichbare
* superstitie / bijgeloof
* juksbeenderen / jukbeenderen
* onvleesde / ontvleesde