WeRead Powered by ReaderPub
De complete werken van Joost van Vondel. Davids Lofzang van Jeruzalem cover

De complete werken van Joost van Vondel. Davids Lofzang van Jeruzalem

Chapter 3: Grafschrift op Bredero[1].
Open in WeRead

Explore more books like this:

About This Book

Een poëtische uitbreiding op Psalm 122 bezingt Jeruzalem en wisselt rouw over verwoesting af met vreugde over herbouw, waarbij tempel, paleis en priesterlijke rituelen uitgebreid worden uitgestald. Offers, heilige muziek en de liturgische sfeer krijgen levendige beschrijvingen, terwijl het verlangen naar verzoening en de komst van de Messias terugkerende thema's zijn. De stad wordt voorgesteld als paradijselijk centrum van majesteit, rechtspraak en vrede, met rijke natuur- en bouwbeelden. Naast het loflied omvat de verzameling ook korte occasionele gedichten, zoals een grafschrift en een huwelijksode, die verschillende toonzettingen en sociale gelegenheden belichten.

Grafschrift op Bredero[1].

Hier herbergt[2] 't lijf, wiens geest in kluchten muntten uit,
En[3] met veel boerterij steeds zwanger ging van hersen;
Wien Charon willig voerde om sunst[4] in de oude schuit,
Vermits de zieltjens droef nog lachten om zijn farcen[5].
(In latere lezing:)
Hier rust Breêro, heengereisd,
Daar de boot geen veergeld eischt
Van den geest, die, met zijn kluchten,
Holp[6] aan 't lachen al die zuchtten.

[1] De bekende geestige dichter Gerbrand Adriaansz. (in Bredero), 23 Aug. 1618, ruim 33 jaar oud, overleden.—Om de reeks der voorafgaande gedichten niet te breken, bespaarden wij deze kleinigheid tot hier.

[2] woont, huist; verg. vroeger.

[3] Versta: En die.

[4] om niet; verg. vroeger.

[5] Fransch voor kluchten.

[6] Voor hielp.