WeRead Powered by ReaderPub
Oudewater en omtrek, Geologisch, Mythologisch en Geschiedkundig Geschetst cover

Oudewater en omtrek, Geologisch, Mythologisch en Geschiedkundig Geschetst

Chapter 128: Geboortehuis van Jacobus Arminius.
Open in WeRead

About This Book

The author begins with a geological survey of local soils and landscape, then examines early pagan religious practices and surviving traces in place‑names, customs, and material remains, and finally presents a chronological history of the town and its surroundings compiled from archives, earlier local accounts, and contemporary observations. Methodological notes and detailed citations accompany accounts of infrastructural changes, church and civic architecture, and demographic and economic shifts. Field observations, archival evidence, and illustrative plates are integrated to link natural conditions, myths, and historical events, offering a compact, source‑aware portrait of how environment and human activity shaped the locality over time.

Geboortehuis van Jacobus Arminius.

Naast de stadswaag, of meer juist, door de Gasthuissteeg gescheiden, bevindt zich het geboortehuis van Jacobus Arminius. Het is een fraai huis, de voorgevel is naar de Ionische orde gebouwd, met vele versieringen voorzien, en is getooid met het symbool der fortuin, waarin sommige menschen verkeerdelijk het standbeeld van den eersten remonstrant meenen te zien. Niettemin gelooven wij, dat het opschrift van een marmeren steen, eertijds onder het beeld der fortuin aanwezig, wel eenige betrekking op onzen lateren Leidschen hoogleeraar mag gehad hebben; deze steen met dit opschrift, zijn echter uit den gevel verwijderd, en welligt verloren geraakt, daar men ons verhaalde, dat niemand het opschrift van dien steen kon ontraadselen. Wij moeten echter opmerken, dat het huis niet meer in dien toestand is, als toen Arminius daarin werd geboren, daar wij het jaartal 1601 in den voorgevel vinden, en zijne geboorte reeds in 1560 plaats had. Stellig echter is het huis weder op dezelfde plaats herbouwd, zoodat wij nog met gerustheid mogen zeggen: zie dat is het huis, daar is de plek, daar de groote Arminius het eerste licht heeft aanschouwd.

Voor eenige jaren (in 1854,) werden in het voorhuis, eenige veranderingen aangebragt, waarbij tevens het volgende vers verwijderd werd, dat men tot dusver het huis binnentredende met fraai geschilderde gothische letters, daarin had opgemerkt:

Jammer, ellende en grooten nood

Is der regtvaardigen dagelyksch brood,

Die tot het eeuwige leven zyn verkoren

Steken veel distels ende doornen

Nog zal de Heer ten allen tyden

De vromen verlossen en verblyden.

Ps. 34.

Over Arminius zelve zal te gelegener tijd worden geschreven—alleenlijk vermelden wij nog, dat in het huis zijner geboorte, nu eene grutterij wordt uitgeoefend.