WeRead Powered by ReaderPub
Platoons Phaidoon cover

Platoons Phaidoon

Chapter 4: AANTEEKENINGEN
Open in WeRead

Explore more books like this:

About This Book

A first-person narrator relays the last conversations held in prison before Socrates' execution, where friends probe whether the soul survives death. Through a sequence of philosophical arguments—appeals to cyclical processes, recollection, affinity with the unchanging, and the pursuit of forms—they examine the soul's nature, knowledge, and moral purification. The discourse links metaphysics and ethics, arguing that philosophical practice prepares one for death by detaching the soul from bodily concerns. The account ends with a calm acceptance of execution and reflections that portray death as a transformation or release rather than mere annihilation.

AANTEEKENINGEN

60D. Euenos. Sofist en dichter, afkomstig van het eiland Paros. Ook elders vermeldt Platoon hem (Ap. 20B, Phaidros 267A), met dezelfde goedmoedige ironie als hier.
89C. Argeiers. Toen de Argeiers in 550 hun zuidelijk grensgebied met de stad Thureai aan de Lakedaimoniërs verloren, verboden zij bij wet hun mannen lang haar, en hun vrouwen gouden sieraden te dragen zoolang die stad niet heroverd zoû zijn. Zie Herodotos I 82.
Iolaos. Neef van Herakles en diens wagenmenner en trouwe metgezel. Toen Herakles bij zijn strijd met de Hydra door een reusachtige zeekrabbe werd aangevallen, riep hij de hulp van Iolaos in. Zie Platoons Euthydemos 297C.
90C. Euripos. De om haar onstuimigheid bekende enge zeestraat tusschen Boiotia en het eiland Euboia op de hoogte der steden Chalkis en Aulis.
95A. Harmonia de Thebaansche. Gemalin van Kadmos den Phoinikiër, den mythischen stichter van Thebai.
97C. Anaxagoras. Uit Klazomenai in Lydia. 500-428. Beroemd leerling der Ionische natuurphilosofen. Hij vestigde zich te Athenai en werd bevriend met den kring van Perikles. Om zijn atheïstische stellingen werd hij, evenals later Sokrates, van „asebeia” beschuldigd en ontkwam alleen door Perikles’ invloed aan de doodstraf. Hij stierf te Lampsakos. Van zijn hoofdwerk „Over de natuur” bestaan nog slechts fragmenten.
108D. Glaukos. Waarschijnlijk wordt gedoeld op Glaukos van Chios, den uitvinder van het soldeeren van ijzer. Zie Herodotos I 25.
118A. Wij zijn Asklepios een haan schuldig. Het gewone offer aan den god der geneeskunde, wanneer men van een ziekte is hersteld.
Colofon
Duidelijke zetfouten in de originele tekst zijn verbeterd. Wisselende spelling is gecorrigeerd. Daarnaast is aangepast:

Pagina Origineel Aangepast
5 Apollodoras Apollodoros
14 bovenal boven-al
14 daarstraks daar-straks
16 allang al-lang
20 allang al-lang
22 ten-minst tenminste
25 voorzoover voor-zoo-ver
26 wordingsovergang wordings-overgang
26 wordingsovergangen wordings-overgangen
28 methematische mathematische
30 daarstraks daar-straks
36 ons-zelven onszelven
41 een een een
42 voorzoover voor-zoo-ver
43 zonderdat zonder dat
60 mijzelf mij-zelf
61 mijzelf mij-zelf
66 mijzelf mij-zelf
88 zoo-lang zoolang