1 Op bepaalde plaatsen is de verdamping veel sterker dan het algemeen gemiddelde bedraagt. Zoo regent het bijna nooit boven de Roode zee en in hare nabijheid, en de verdamping heeft daar zóó snel plaats, dat daar eene laag van 7 meters dikte jaarlijks als damp wordt weggevoerd. De Roode zee zoude dus reeds lang uitgedroogd en vervangen zijn door eene zoutvallei, indien zij niet gevoed werd door de Indische zee en de Middellandsche zee.
De waterspiegel der Roode zee is dezelfde als die van den gemiddelden waterspiegel van den Oceaan, omdat zij daarmede in gemeenschap staat. Ditzelfde geldt voor de Middellandsche zee, niettegenstaande hare verdamping ⅓ meer bedraagt dan hetgeen haar wordt toegevoegd.
Daar de Caspische zee afgesloten is, heeft zij eenen anderen waterspiegel verkregen en is zij 100 meters gedaald; de doode zee is 400 meters gedaald; de waterspiegel dier zeeën wordt bepaald door de verhouding tusschen de hoeveelheid verdampend water en de hoeveelheid regen.
2 De arbeid der rivieren bij de aanslibbing vermindert van jaar tot jaar door het gebruik, dat de landbouwers van het water maken. De Po wordt gebruikt voor de besproeiing van honderdduizenden bunders: dagelijks worden daaraan 55 millioen cubieke meters water onttrokken voor den landbouw in Lombardije en Venetië. Zoo geeft de Ganges 6⁄7 van zijn water af ten behoeve van 3 millioen menschen; in de delta van den Nijl dienen steeds 50 000 putten ter besproeiing ten koste der rivier en der kanalen. Een groot gedeelte van het water is reeds gedronken en afgeleid vóórdat het de zee bereikt.
3 Welke verwoestingen eene zoodanige golf, veroorzaakt door het storten van groote massa’s steen in het water, kan veroorzaken, heeft men in 1883 te Krakatau ondervonden. Men leze over die ontzettende ramp het voortreffelijke werk van den Heer R.D.M. Verbeek: Krakatau.