Een oogenblik bleef Charly Raffles verwonderd aanzien en toen herhaalde hij langzaam:
„Naar de Markiezeneilanden?”
„Ja. En meer speciaal naar het Diamanteneiland.”
„Je wilt Eleonora Manoury bezoeken?”
„Ja. Begrijp je niet waarom?”
„Ik moet erkennen.…”
„Zij moet me behulpzaam zijn bij het opsporen van Irwin Stanley, haar voormaligen minnaar, den schurk, die haar geheele bestaan vernietigd heeft, haar ziel bedorven, haar toekomst verwoest, zij haat hem erger dan de pest, en zij zal geen seconde aarzelen, mij op de hoogte te brengen van zijn gewoonten. Zij weet natuurlijk de namen van zijn vertrouwde vrienden, bij wie hij een schuilplaats heeft kunnen vinden. Zij kent ook die schuilplaatsen en als ik die eenmaal weet, dan wordt het terrein van mijn onderzoekingen zeer aanzienlijk beperkt.”
Charly Brand had zwijgend toegeluisterd en geen oog afgewend van het gelaat van Raffles, dat strak en ernstig stond.
Toen stond hij op, klapte het zware boek dicht en zeide eenvoudig:
„Ik ben tot je dienst. Hoe zullen wij reizen?”
„Wij zullen de vliegmachine gebruiken. Wees zoo goed, Henderson eens hier te roepen.”
Charly trad op de huistelefoon toe en stelde zich in verbinding met de garage, die zich in den tuin bevond, zich uitstrekkend achter het huis in de Regentstreet, hetwelk Raffles sedert geruimen tijd onder den naam Lord William Aberdeen bewoonde.
Hij sprak eenige woorden in het toestel, hing het weer op en wendde zich glimlachend tot Raffles met de woorden:
„Wat denk je dat hij doet?”
„Natuurlijk een auto schoonmaken,” antwoordde Raffles. „Ik geloof dat die goede reus geen andere bezigheid ter wereld zoo aangenaam vindt, als een ketting smeren, een klepveer opschuren, of een nieuwe zuigerveer inzetten. Ja, ik ben overtuigd dat hij volkomen gelukkig zou zijn op een onbewoond eiland, mits men hem slechts een Engelschen sleutel, een stuk staal en een paar vellen schuurpapier meegaf.”
„Denk je hem mede te nemen?”
„Ja, het is een vermoeiende reis en het is beter dat we elkander aan het stuurwiel afwisselen.”
Een oogenblik later trad Henderson het vertrek binnen, nog bezig met het dichtknoopen van zijn livrei.
Hij bleef op den drempel staan en vroeg:
„Mylord beveelt?”
„Ik wilde je even zeggen, dat wij vanmiddag op reis gaan, Henderson,” antwoordde Raffles.
„Goed, Mylord. Met de auto?”
„Neen, Henderson, met mijn vliegmachine, met „Den duivel der lucht”.”
„Goed Mylord. Waarheen gaan we?”
„Naar de Markiezeneilanden.”
„Goed Mylord,” hernam Henderson zonder de minste aarzeling en zonder een spoor van verbazing te toonen.
Hij had slechts een vaag besef waar men ter wereld ergens deze eilanden moest zoeken en hij wist alleen, dat het zeer ver moest zijn, maar dit boezemde hem eigenlijk bitter weinig belang in.
Men zeide hem, dat zijn diensten verlangd werden om ergens heen te gaan en dat was ruimschoots voldoende, de rest was bijzaak.
Raffles keek hem even glimlachend aan en vervolgde toen: [12]
„Weet je waar de Markiezeneilanden liggen, Henderson?”
„Ergens in den Stillen Oceaan, naar ik meen, Mylord.”
„Zoo is het. Je schijnt je niet goed voor te kunnen stellen, hoever het wel is, vriend James.”
„Is het verder dan Amerika, Mylord?” vroeg Henderson nieuwsgierig.
„Heel wat verder, Henderson,” antwoordde Charly lachend.
„Ja Henderson, mijnheer Brand heeft gelijk. Wij moeten eerst den Atlantischen Oceaan over steken, vliegen dan over een groot gedeelte van Zuid-Amerika en volgen dan de evennachtslijn, totdat wij ongeveer acht graden zuiderbreedte en ongeveer veertig graden westerlengte de Markiezen of Marquesas bereikt hebben.”
Henderson krabde zich achter het oor en keek nu toch een weinig verbijsterd.
„Dat is heel wat kilometers, Mylord.”
„Bijna veertien duizend, Henderson,” antwoordde Raffles met een effen gezicht. „Wij zullen over Para vliegen, een haven op de oostkust van Brazilië, en dit verlengt den afstand een weinig, maar dat heeft niet veel te beteekenen.”
Het geweldige cijfer scheen wel eenigen indruk op den reus te maken, want hij keek beteuterd voor zich heen, waarop Charly hem op den schouder klopte en hernam:
„Wij zullen je eenig denkbeeld geven van dien afstand, Henderson. Van Londen naar Para is juist vijf duizend kilometer, dat is hetzelfde alsof wij van Londen naar Moskou en terug zouden vliegen. Van Para tot aan de Markiezeneilanden is tachtig graden van den equator. Een equatoriale graad is honderd elf kilometer en nog een kleinigheid. De geheele afstand van Para tot aan ons einddoel is dus omstreeks acht duizend negen honderd vier kilometer. Tel daarbij de vijf duizend kilometer van Londen naar Para en je komt op het totaal van dertien duizend negen honderd vier kilometer.”
Henderson staarde Charly verbluft aan en riep:
„Dat is een heel reisje, mijnheer Brand.”
„Ja, Henderson, en dat zal ik je duidelijk maken. Weet je hoeveel de omtrek van onze aarde is?”
„Mijnheer Brand, ik— — —” stotterde de chauffeur. „Ik heb het nog nooit zoo precies becijferd. Zegt u het mij maar.”
„De omtrek van onze aarde, langs de evennachtslijn gemeten, bedraagt vier en vijftig honderd geografische mijlen, dat is veertig duizend acht en zestig kilometer. Als wij dus van hier naar de Markiezeneilanden gaan, dan leggen we iets meer dan een derde deel van den omtrek der aarde af.”
Henderson keek Raffles zwijgend en vragend aan alsof hij van hem een bevestiging verwachtte van deze verbazingwekkende mededeeling.
Raffles knikte glimlachend en zeide:
„Mijnheer Brand rekent je het daar zeer nauwkeurig voor, Henderson, zoo is het inderdaad.”
„Als u het zegt, dan moet ik het gelooven,” barstte Henderson uit. „En hoelang doen wij over dat reisje?”
„Als alles goed gaat, Henderson, kunnen wij den tocht in zeven en twintig uren volbrengen.”
Secondenlang bleef het stil in het vertrek na deze woorden, die wel een grap leken te zijn en toch sprak Raffles niets anders dan de waarheid.
Eenige jaren geleden had zijn geniale brein een vliegmachine uitgedacht, niet door benzine in beweging gebracht, maar door electriciteit en met dit vliegtuig had de Groote Onbekende reeds herhaalde reizen gemaakt met een snelheid die de vijfhonderd kilometer per uur onder gunstige omstandigheden soms overschreed.
Uiterlijk week dit toestel niet veel af van de moderne eendekkers, behalve dan, dat het bijna uitsluitend uit aluminium was vervaardigd, maar het geheim van de beweegkracht had Raffles tot dusverre uitmuntend weten te bewaren, daar de electrische machine geheel omsloten was door een metalen kap, welks geheime sluiting alleen door de drie mannen geopend kon worden, die hier thans in dit vertrek bijeen waren.
Het was ten tijde, waarop dit avontuur voor Raffles zich afspeelde, niet lang geleden bekend geworden, dat de stoutmoedige Fransche aviatuur Sadi Lecointe met zijn door benzine gedreven vliegmachine een snelheid had weten te bereiken van ruim drie honderd acht kilometer in het uur, maar dit slechts gedurende zeer korten tijd en hoe bleef deze waarlijk buitensporige snelheid ten achter bij die van den duivel der lucht, het wonderwerk van John Raffles.
Henderson was die eerste die weder sprak en er lag eerbied en iets als vrees in zijn stem, toen hij aarzelend sprak: [13]
„Dit wil dus zeggen, Mylord, als ik mij tenminste niet vergis, dat wij met onze vliegmachine in nog iets minder dan drie en een half etmaal den geheelen aardbodem zouden kunnen omvliegen.”
„En wel langs haar grootsten omvang, Henderson,” antwoordde Raffles bedaard.
„Zoo is het mijn vriend, maar laat je dit niet al te zeer verbazen. Over een tiental jaren en misschien nog wel eerder zullen deze snelheden gemeengoed zijn geworden en ik ben vast overtuigd, dat dit moet bijdragen tot de verbroedering van de menschheid, waarnaar wij zooveel tientallen eeuwen lang vruchteloos met andere middelen hebben gestreefd.”
„Maar Mylord, dan—dan is onze geheele aarde niet veel meer dan een kersepit,” riep Henderson opgewonden.
„Minder Henderson. Een beetje minder,” antwoordde Raffles ernstig. „Een zandkorrel, een onnoozel stofje in de oneindigheid.”
Weer bleef het even stil en toen hernam de Gentleman-Inbreker:
„Wij vertrekken dus vanmiddag, Henderson, en ik verwacht, dat alles in orde is.”
„Wat mij betreft, Mylord, zouden we binnen een uur kunnen opstijgen,” hernam Henderson. „De vliegmachine staat in volmaakte orde in uw particuliere loods van het vliegveld van Hendon. Nog gisteren heb ik alles zorgvuldig nagezien. De machine is uitmuntend in orde. De accumulatoren zijn geladen en als het moest zouden wij er veertien dagen mee in de lucht kunnen blijven.”
„Goed zoo, Henderson. Dan behoeft er dus alleen nog maar gezorgd te worden voor proviand, dekens, onze tent, wapens, verrekijkers, ammunitie en andere benoodigdheden, waarvan mijnheer Brand een volledig lijstje heeft. Ik reken er op, dat wij om drie uur kunnen vertrekken.”
„Alles zal in orde zijn, Mylord,” hernam Henderson eenvoudig.
En hij draaide zich op zijn hielen om en vertrok, niet meer aangedaan of opgewonden dan wanneer Raffles hem zou hebben verzocht hem over een uur met de auto naar Piccadilly-circus te rijden.
Wat Charly Brand betreft, hij haalde dadelijk het lijstje te voorschijn, keurig met de schrijfmachine opgesteld, waarop tot in de minste bijzonderheden alles vermeld stond, wat de reizigers konden noodig hebben bij een reis naar de tropen en die een zoo goed als geheel onbewoond eiland tot einddoel had.
Het lijstje bevatte een honderdtal nummers, van vetlederen laarzen tot kaarsen, van ontplofbare geweerkogels voor de jacht op grof wild, tot schoenveters.
Binnen een uur was deze voorraad bijeen gebracht en met de uiterste zorg verpakt in twee langwerpige koffers van aluminium met afgeronde hoeken en die zoo vervaardigd waren, dat zij nauwkeurig pasten in wat men zou kunnen noemen het ruim van het kleine vliegtuig dat hen moest overbrengen.
Het gewicht van al deze benoodigdheden was op een paar ons na bekend, en Raffles wist dan ook steeds zeer nauwkeurig welk gewicht hij nog aan andere zaken, passagiers of goederen kon meenemen.
Wat de proviand betreft, zij bestond voor een deel uit geconserveerde, voor het andere deel uit versche levensmiddelen, want het was een der wonderen van den „Duivel der lucht”, dat men aan boord zeer gemakkelijk door middel van electriciteit allerlei smakelijke dingen kon koken, bakken of braden, zonder het minste gevaar voor brand.
Nadat dit alles verzorgd was, nadat Charly nog eens had nagegaan of de voortreffelijke Winchester-repeteergeweren, de revolvers, de dunne maar warme dekens van dons, de sextanten en verrekijkers, de blikjes met verduurzaamde levensmiddelen, de lichte, maar ondoordringbare zesmanstent en alle andere zaken aanwezig waren, werden de kisten op de auto geladen en de drie mannen vertrokken. Het huis achterlatend in de hoede van den grijzen kamerbediende van Lord Aberdeen, den trouwen Gaston.
Binnen anderhalf uur had de auto Hendon bereikt, waar de drie mannen de lunch gebruikten en daarop reed de auto het vliegterrein op, en regelrecht naar de loods van plaatijzer, waar de vliegmachine van Raffles veilig stond opgeborgen.
De auto werd op haar beurt gestald, nadat de metalen koffers waren afgeladen, benevens de kisten met levensmiddelen, en hierop opende Raffles zelf met behulp van zijn sleutel de breede vleugeldeuren van de loods, welke zelfs Henderson eenige moeite had op haar hengsels te doen draaien.
De drie mannen rolden den „Duivel der lucht” naar buiten.
Het was een zeer sierlijk toestel, met vleugels, gelijkend op die van een libel, een vierbladige schroef en een voortreffelijk veerend onderstel, hetgeen de [14]landing, zelfs op ongelijk terrein mogelijk maakte.
En zoo fijn en tenger zag deze mechanische vogel er uit, dat niemand op het denkbeeld zou komen, dat in haar binnenste een geheimzinnige machine verborgen was, in staat om meer dan vijftien honderd paardekrachten op te leveren.
Achter en halverwege onder de draagvlakken bevond zich de kajuit, aan weerszijden van drie ronde kijkramen voorzien als de patrijspoorten van een schip en waarvan men het dak naar willekeur kon sluiten en openschuiven, al naar de weersgesteldheid, de hoogte van het toestel boven de aarde of de luchtstreek waarin het vertoefde, dit wenschelijk of mogelijk maakte.
Het toestel had een glans als van dof gepolijst zilver en het kon door de drie mannen zonder de minste moeite over het als een biljardlaken zoo gladde veld worden voortbewogen.
Snel, voor zich al te veel nieuwsgierigen van het vliegkamp zich ter plaatse konden bevinden, werd de bagage ingeladen, weggestouwd en vastgezet, zoodat verschuiven onmogelijk was en daarop begaven de drie mannen, nadat de deur van de loods weder gesloten was, zich aan boord van het ranke vliegtuig.
Reeds voor zij vertrokken, hadden zij zich in hun vliegkleeding gestoken, zoodat het vertrek snel kon plaats hebben.
Het had juist drie uur geslagen op de groote klok van het vliegterrein, toen Raffles, die het eerst de machine zou besturen, een kleinen hefboom overhaalde en daardoor de machine inschakelde.
De schroef begon aanstonds te draaien, eerst langzaam, toen hoe langer hoe sneller. Het toestel schoof eenige meters vooruit, verhief zich met een sierlijken zwaai van het grasveld en steeg trots en met oneindige bevalligheid in de blauwe lucht omhoog.
De reis naar het Diamanteneiland had een aanvang genomen. [15]