[Inhoud]

HOOFDSTUK IV.

Reis en aankomst.

Raffles liet den duivel der lucht stijgen tot een hoogte van omstreeks twee duizend meter en hij droeg zorg gedurende die stijging de snelheid niet al te zeer op te drijven, daar hij er volstrekt niet verlangend naar was, de vermogens van zijn vliegtuig noodeloos te verraden.

Groote spiralen beschrijvend steeg de machine op, en daarop zette Raffles aanstonds koers naar het zuidwesten.

Daar hij voornemens was, in zuiver rechte lijn naar Para te vliegen, moest hij het kanaal oversteken, dat binnen weinige minuten bereikt was, en vervolgens een gedeelte van Frankrijk, waarbij de oorlogshaven Brest een paar mijlen aan stuurboord bleef liggen.

Raffles stak de golf van Biskaje in haar volle breedte over en hield aan op de Kaap Finisterre, welks uiterste puntje van Spanje nog voor vier uur bereikt werd.

En toen de kust van Portugal uit het oog verdween, wisten de drie mannen dat zij geen land meer zouden aanschouwen, voor zij Para hadden bereikt, met uitzondering van het eiland Madera, dat zij een half uur later aan den horizont zouden zien opdoemen als een groote, kleurige ruiker, neergelegd op een ontzaglijke plaat van spiegelglas.

Op aarde was de temperatuur voor den tijd van het jaar buitengewoon zacht geweest, maar op deze hoogte van vierduizend meter, waarop Raffles de machine thans gebracht had, was de koude zeer voelbaar en de drie mannen beklaagden er zich niet over dat zij zich in hun warme pelzen hadden gestoken.

Onder de vliegmachine breidde thans de Atlantische Oceaan zich in zijn onmetelijke pracht uit.

De zon goot haar stralen over de diep blauwe golven van deze zee, die twee vaste landen van elkander scheidt, en hier en daar ontwaarden de luchtreizigers groote zeeschepen, die echter door den afstand niet grooter leken dan notendopjes.

De reizigers bevonden zich hier op een zeer druk bevaren gedeelte van den Oceaan, want hier kruisten de routes elkander van Lissabon naar Pernambuco, van Marseille naar Buenos Aires, van Bordeaux naar dezelfde plaats, van Hamburg en Liverpool naar Para, van Marseille naar Dakar, van Liverpool naar Madeira, van Cadix naar Havana, van Amsterdam naar Paramaribo en nog zooveel andere stoomvaartlijnen, die langzamerhand weder herleefden, nadat de gruwelijke wereldoorlog als het ware alle handelsschepen met een enkelen slag van de zeeën had weggevaagd.

Somtijds zagen de drie mannen wel zes of zeven groote schepen tegelijk, dikke, roetzwarte rookwolken uitbrakend, en alsof zij met elkander wedijverden, de producten van vreemden bodem naar het eigen land te voeren.

Inmiddels werkte de machine van den duivel der lucht met de regelmatigheid van een uurwerk en daar men geen last had van de oorverdoovende ontploffing van twee of zelfs vier benzinemotoren, werd alleen het suizend geluid van de schroef vernomen.

Zien deed men er volstrekt niets van, zoo ongeloofelijk snel wentelde zij rond.

Raffles had de snelheid reeds lang op haar maximum gebracht en gierend als een stormwind, veel sneller dan de snelste albatros, sneller dan een orkaan, stormde de ranke, mechanische vogel door het luchtruim.

Nu en dan wisselde Charly en Henderson, veilig [16]verborgen achter den opstaanden rand van het schuitje, eenige woorden met elkander.

„Wordt het niet bijna tijd voor het diner, mijnheer Brand,” vroeg Henderson na eenigen tijd, terwijl hij zijn horloge raadpleegde.

„Volgens jouw horloge zeker wel,” antwoordde Charly Brand lachend, „maar je loopt bijzonder voor.

„Dat meent u toch zeker niet, mijnheer Brand,” riep Henderson verontwaardigd uit, dat men iets kwaads durfde zeggen van zijn trouwen, nikkelen knol, waarvan hij verklaarde dat het per jaar geen volle minuut voorliep.

„Ik meen het in vollen ernst, Henderson. Volgens de plek, waar wij nu zijn, moet je horloge verkeerd gaan.”

„Maar ik heb het vanmorgen pas opgewonden, mijnheer Brand en het vergeleken met de klok van de St. Paulskerk,” riep Henderson uit.

„En juist omdat je horloge gelijk gaat met de klokken te Londen, vriend James, daarom kan het onmogelijk gelijk gaan met de klokken onder onze vliegmachine, verondersteld, dat die er zouden zijn.”

Henderson scheen nog niet overtuigd te zijn en schudde afkeurend het hoofd, terwijl hij bromde:

„Daar begrijp ik volstrekt niets van, mijnheer Brand.”

„Dat zal ik je trachten duidelijk te maken, Henderson,” hernam Charly. „Het is werkelijk minder ingewikkeld dan je denkt. Je hebt zeker wel onthouden, nietwaar dat de afstand van Londen naar Para rond vijf duizend kilometer bedraagt?”

„Zoo is het, mijnheer Brand.”

„Daar de vliegmachine vijf honderd kilometer per uur aflegt, moet zij die reis juist in tien uren volbrengen en daar wij om drie uur in den middag zijn opgestegen, moeten wij om een uur in den nacht te Para zijn, tenminste volgens onze horloges. Maar dan zullen de klokken te Para een heel anderen tijd aanwijzen, Henderson, een veel vroegeren tijd, en wel zooveel maal vier minuten, als er graden liggen tusschen Londen en Para, dat wil zeggen, vijf en veertig. Het zal dus te Para, wanneer wij aankomen, honderd tachtig minuten, dat is drie uur vroeger zijn, elf uur in den avond.

Henderson had zijn hoofddeksel achter op zijn hoofd geschoven en de wenkbrauwen gefronst.

Hij scheen zich uit alle macht in te spannen om dit te kunnen begrijpen en toen barstte hij eensklaps uit:

„En mag ik weten, mijnheer Brand, wie die nonsens heeft uitgevonden?”

„De zon, beste Henderson, niemand anders dan de zon,” antwoordde Charly glimlachend. „Herinner je maar eens, dat ons schitterend hemellichaam zijn schijnbaren tocht om de aarde zeer nauwkeurig in vier en twintig uren volbrengt. Welnu, onze aarde is verdeeld in drie honderd zestig graden en de zon heeft dus juist vier minuten noodig om een graad te doorloopen. Kun je me volgen?”

„Ik doe er mijn best voor, mijnheer Brand,” antwoordde de reus, terwijl hij Charly de woorden van de lippen scheen te willen lezen.

„Welnu, dan is het immers duidelijk, dat iemand die naar het oosten reist, dat wil zeggen, de zon tegemoet, bij iederen graad vier minuten op het hemellichaam moet winnen?”

Henderson had zijn hoofd in de handen verborgen en zat geruimen tijd in diep gepeins verzonken. Eindelijk keek hij Charly weder aan en hernam brommend:

„Ik wil wel gelooven dat het zoo is, mijnheer Brand, en misschien is het wel goed ook zoo, maar u moet mij niet kwalijk nemen, ik houd het liever met mijn horloge.”

„En daarin kan ik je geen ongelijk geven, vriend James,” riep Charly lachend uit. „Knoei vooral niet aan je horloge, het is voor de berekening van Mylord juist goed, om nauwkeurig te weten, hoe laat het op een gegeven oogenblik te Londen is.”

„Nog een enkele opmerking, mijnheer Brand. Als ik u dus goed begrepen heb, zou het, als men maar vlug genoeg kon reizen, mogelijk zijn, om bij voorbeeld om drie uur te New York aan te komen, terwijl men een half uur later uit Londen zou zijn vertrokken.”

„Dat zou inderdaad mogelijk zijn, Henderson, mits men kon beschikken over een vervoermiddel dat nog vlugger reisde dan de zon en nog meer dan een graad, dat wil zeggen honderd elf kilometer langs den equator gemeten, in elke vier minuten aflegde en zoo’n voertuig is nog niet uitgevonden.”

„De duivel der lucht gaat niet veel langzamer, mijnheer Brand,” riep Henderson uit.

„Nu laat je je wel een weinig door je bewondering meesleepen, Henderson. Een snelheid van een graad [17]per vier minuten met een uursnelheid van bijna zeventien honderd kilometer, zoover heeft de duivel der lucht het nog niet gebracht, maar mocht er inderdaad een vliegmachine worden uitgevonden, die zeventien honderd kilometer per uur kon afleggen dan zou men te twaalf uur in den middag te Londen opstijgen en steeds in westelijke richting vliegend, nauwkeurig op datzelfde uur in iedere andere stad der wereld aankomen, hoever of hoe dicht bij ook gelegen.”

„Daar staat je verstand eenvoudig bij stil,” riep Henderson hoofdschuddend. „Mijnheer Brand, ik zal u wat zeggen, ik geloof dat wij er het beste aan doen, als wij ons door onze maag laten leiden bij het bepalen van den tijd en de mijne waarschuwt me nu dat het uur om te dineeren is aangebroken.”

„Volg jij dan de ingeving van je maag maar, Henderson,” hernam Charly lachend, „en zorg voor een goeden maaltijd.”

Henderson liet zich dat geen tweemaal zeggen en aanstonds maakte hij zijn toebereidselen.

De contactstoppen werden in de daartoe bestemde gaten gezet en weinige minuten later waren de kookplaten en de oven gloeiend warm.

Henderson had met groote behendigheid een paar kuikens geplukt en bereidde nu dit gevogelte op een manier, die de bewondering van Charly wekte.

Hij opende een blikje groente, maakte den inhoud warm, roosterde brood, kookte een paar eieren, waarvan er een paar dozijn waren meegenomen, en diende tenslotte dit alles keurig op in het aluminium vaatwerk, hetwelk geplaatst werd op een soort tafeltje, lang en smal, hetwelk men naar believen in den bodem van het schuitje kon neerklappen en met een dunnen planken vloer overdekken.

Henderson ging Raffles aan de stuurinrichting vervangen en een oogenblik deden de beide vrienden zich te goed aan den voortreffelijk bereiden maaltijd, begoten met een flesch goede Cantemerle.

Een van de uitnemende hoedanigheden van Raffles’ vliegmachine was, dat men er ongestraft kon rooken, want wegens de afwezigheid van benzine, en daar bijna alle deelen uit aluminium waren vervaardigd, was ieder gevaar voor brand uitgesloten.

En zoo staken de beide vrienden hun sigaretten aan en spoedig dwarrelde de lichtblauwe rook door de kleine ruimte om een uitweg te zoeken door een soort schuin geplaatst schoorsteentje, hetwelk voor luchtverversching diende, en zooals men ze ook vindt aan boord van de groote mailbooten.

En intusschen zette de duivel der lucht zonder schokken of trillingen en toch met een ongeloofelijke snelheid, door geen enkel vliegtuig geëvenaard zijn weg door het luchtruim voort.

Langzamerhand begon de schemering over den Oceaan te vallen en de zon zonk achter de westerkim met stralenden glans in zee.

Tamelijk snel nam de duisternis toe, zooals het geval is in alle streken der aarde, in de nabijheid der keerkringen gelegen en spoedig was het volkomen duister.

Maar aan den nachtelijken hemel tintelden milliarden sterren en in diep stilzwijgen genoten de twee mannen van het verrukkelijke schouwspel, indrukwekkender dan onverschillig welk ander natuurtafreel, en waarvan men den invloed pas goed ondergaat als men zich tusschen hemel en aarde bevindt, ver van het gedruisch der samenleving.

De melkweg was zeer duidelijk zichtbaar en onvergelijkelijk schitterde het sterrebeeld van den Grooten Beer.

De maan was opgekomen en haar zilveren licht deed de golven van den Oceaan met een wonderlijken lichtschijn glanzen.

Nu en dan doemde er diep beneden de luchtreizigers een rij van lichtjes op; dat was een mailboot, die haar weg zocht over den wijden Oceaan.

Er kon thans alleen maar op het kompas gestuurd worden, maar Raffles wist dat dit aan Henderson was toevertrouwd en dat hij geen streep zou afwijken van de juiste richting.

Het werd nu tijd om aan nachtrust te gaan denken en Raffles was de eerste, die zich neervlijde op het smalle rustbed, nadat hij Charly de noodige instructies gegeven had voor den tocht, dwars over Zuid Amerika.

Henderson zou nog eenige uren de machine blijven besturen, om dan zijn plaats in te ruimen voor Charly Brand.

Binnen korten tijd zou men land in zicht krijgen en Henderson was degeen, die dit het eerste ontdekte.

Hij wendde even het hoofd om naar Charly, die in gedachten voor zich uitstaarde en toen de jonge man de richting van zijn blik volgde, zag hij het eerst een vage, donkere streep, die al spoedig duidelijker werd en tenslotte een grillige kustlijn vormde, [18]hier en daar onderbroken door kleine rijen gloeiende stipjes; dat waren de steden.

Charly verliet zijn plaats in de kajuit en ging naast Henderson zitten om het stuurwiel uit diens handen over te nemen.

Het was thans de beurt van den reus om eenige uren welverdiende nachtrust te genieten.

Het bleek spoedig dat Henderson zich in de richting bijna niet vergist had, want binnen tien minuten zweefde de vliegmachine boven een groote stad, die niet anders kon zijn dan Para, gelegen aan de breede monding van de Tocantins.

Maar het was niet deze rivier, welke de jonge man zou volgen. Dat was de Amazone, een van de grootste en schoonste rivieren der wereld, met een buitengewoon groot aantal voorname zijrivieren, en die door geheel Zuid Amerika voert, van het oosten naar het westen.

Eindelijk had men nu weder land onder zich en veiligheidshalve liet Charly de vliegmachine stijgen en bleef op het kompas doorvliegen.

Toch ontwaarde hij nu en dan het glanzen van het maanlicht op de kalme wateren van de machtige rivier, den Amazonestroom onder zich en dit gaf hem een gevoel van gerustheid. Hij wist nu, dat hij de goede richting volgde.

Zonder een oogenblik op te houden, zette de vliegmachine haar tocht voort, dwars door Brazilië en vervolgens over een gedeelte van Peru.

De snelste trein zou over den afstand van Para naar Quito op de oostkust van Zuid Amerika ongeveer vijftig uren hebben gedaan. De duivel der lucht legde dien afstand af in zes uur en toen de dag weder aanbrak, had Raffles, die ontwaakt was, juist nog gelegenheid om een afscheidsgroet toe te wuiven aan de Cordilleras de los Andes, de ontzaglijke bergketen, die zich van het uiterste noorden tot de zuidelijkste punt langs de oostkust van Zuid Amerika verheft.

En van dit oogenblik af zouden de drie luchtreizigers nogmaals niets anders beneden zich zien dan golven en nog eens golven. Ditmaal van den grooten Stillen Oceaan.

Charly zorgde ditmaal voor het ontbijt en Raffles nam het stuurwiel weder van hem over teneinde den duivel der lucht naar de plaats van bestemming te brengen.

Alles beloofde een verrukkelijken dag en zelfs hier bovenop een hoogte van bijna twee duizend meter en ondanks de vreeselijke snelheid werd men den invloed gewaar van den warmen golfstroom, die zich hier ten zuiden van den Equator in bijna volkomen rechte lijn uitstrekt over honderden en nogmaals honderden kilometers lengte.

De uren verstreken, zonder dat zich er iets bijzonders voordeed.

En eindelijk klonk het over de lippen van Henderson, die verbazend sterke oogen had, de kreet: „Land”.

Reeds tien minuten later zweefde de duivel der lucht op zeer groote hoogte boven een eindelooze reeks kleine eilandjes, die zich voordeden als stippen en die de uitloopers waren van de Paumotueilanden.

Duizenden eilanden, waarvan er zeer vele niet, of slechts zeer weinig bekend zijn, zijn hier als het ware op den Oceaan rond gestrooid door een machtige hand, en vele daarvan hebben hun ontstaan te danken aan den arbeid van het koraaldiertje, dat hier duizenden eeuwen werk heeft aan de vorming der koraaleilanden, of Atols, in vele gevallen niets meer dan een kring van koraalriffen, die somtijds slechts een meter of iets meer boven de golven uitsteken en een cirkelvormig meer omsluiten in welks midden zich somtijds een eilandje verheft.

Maar ook zijn vele eilandjes niets anders dan de toppen der bergen, behoorende tot het vasteland, hetwelk zich hier, volgens vele aardrijkskundigen, honderd duizenden jaren geleden moet hebben bevonden.

De duivel der lucht stevende steeds verder en Raffles liet de machine een weinig dalen en scheen te zoeken als een sperwer, die uit een vlucht duiven zijn slachtoffer uitzoekt.

En eindelijk doemde aan den horizon een nieuw eiland op, dat wat grooter scheen dan de vorigen en waarvan de grillige vormen spoedig duidelijker zichtbaar werden.

Het eiland had een vorm van een Australische boomerang, of van een reusachtige letter L, zonder dat echter de hoek in het midden volkomen recht was, maar eerder tamelijk stomp.

Aan het uiteinde van een der beenen van deze L verhief zich een voorgebergte tot op een hoogte van omstreeks twee honderd meter en waarvan men ongetwijfeld een ruim uitzicht moest hebben op dit gedeelte van den Stillen Oceaan. [19]

Maar landwaarts in verhieven zich bosschen en reeds kon het scherpe oog van Henderson een paar zilveren linten ontwaren. Dat waren de beide riviertjes die hun oorsprong vinden op dat zooeven genoemde gebergte en in tallooze kronkelingen afdaalden naar de vallei om zich tenslotte uit te storten in twee inhammen, omzoomd met schoone palmen.

Niet zoodra had Raffles het eiland ontwaard, of hij liet de vliegmachine aanzienlijk dalen en met overrompelende snelheid werden de vormen van het eiland reeds duidelijk zichtbaar om een oogenblik later niet langer waarneembaar te zijn, want de vliegmachine bevond zich thans op slechts honderd meter hoogte boven een uitgestrekte vlakte, waarop zij even later zachtjes neerstreek, als vermoeid van haar tocht.

En nauwelijks waren de drie mannen uitgestapt en hadden zij zich ontdaan van de zware pelzen, die hen thans zeer benauwden, of heel in de verte, aan het begin van het uitgestrekte weiland, naderden haastig een viertal gedaanten.

Het waren vrouwen, waarvan er twee, die de beide anderen een weinig vooruit waren, met doeken wuifden. [20]