Op een morgen, in den bloemhof, kwam een blind meisje
mij een bloemenketen aanbieden, geborgen in een
lotos-blad.
Ik deed hem om mijn hals en tranen kwamen in mijn oogen.
Ik kuste haar en zeide: „Je bent blind zooals de bloemen
zelf.”
„Je weet zelf niet hoe schoon je geschenk is.”