V.
Valentijn (Fr.), 2–3, 27, 37, 41, 57, 61, 80, 93, 113, 140.
Varkens, 69.
Verbeek (Gouv.), 16–17.
Verbeek (R. D. M.), 38, 40, 52.
Verbeek, (W.), 23.
Verheiden (Majoor), 20–23.
Verheyden (Kapitein), 16.
Vermaken, 160 vgg.
Vingerringen, 73.
Virchow, 60.
Vischrijkdom, 169.
Vischsoorten, 57.
Visscher, (P.), 27.
Visscherij, 132 vgg.
Vlaming van Oudshoorn, (A. de), 14, 16–24, 26–27, 62, 155–156.
Vloedgolf 1899, 66.
Voeding, 135.
Volksbeschrijving, 59 vgg.
Voorburg (Versterking), 21.
Voorouder-vereering, 89.
Vuurwapenen, 139.
W.
Wae Pinang, 61.
Wahaï, 27, 29, 31–36, 39, 42–45, 49, 58, 63–64, 67, 73, 82–83, 88, 93, 95, 105, 142, 148, 154, 157, 163, 167, 171.
Wainitoe, 17.
Wallacegebergte, 41.
Wantrouw (Vesting), 22.
Wapens, 137 vgg.
Warasiwa, 61, 77, 82, 102, 111.
Warwijk, (W. v.), 3.
Watoei, 35.
Waijpoeteh, 18.
Weefgetouw, 122.
Wémalé, 59.
Werpnetten, 134.
Weven, 121–122.
Wichelarij, 100 vgg.
Wokka (lans), 138.
Wijzen van groeten, 165.
Z.
Zaagvisschen, 58.
Zang, 150 vgg.
Zeebevingen, 38–39.
Zeeburg (Vesting), 26.
Zeetuinen, 43.
Zending, 98.
Zendingsscholen, 97.
Ziekten, 147 vgg.
Zink, 170.
Zonnegat, 39.
Zonneschermen, 78.
Zout, 117.
Zwaard van geheimzinnigen oorsprong, 97.
Zwaardvisschen, 58.
Zwavelijzer, 53.
Zwijnen (Wilde), 54.
Zygaena, 58.