WeRead Powered by ReaderPub
Oudewater en omtrek, Geologisch, Mythologisch en Geschiedkundig Geschetst cover

Oudewater en omtrek, Geologisch, Mythologisch en Geschiedkundig Geschetst

Chapter 151: R.
Open in WeRead

About This Book

The author begins with a geological survey of local soils and landscape, then examines early pagan religious practices and surviving traces in place‑names, customs, and material remains, and finally presents a chronological history of the town and its surroundings compiled from archives, earlier local accounts, and contemporary observations. Methodological notes and detailed citations accompany accounts of infrastructural changes, church and civic architecture, and demographic and economic shifts. Field observations, archival evidence, and illustrative plates are integrated to link natural conditions, myths, and historical events, offering a compact, source‑aware portrait of how environment and human activity shaped the locality over time.

ALPHABETISCH ZAAKREGISTER
DER
GEOLOGISCHE SCHETS.

A.

       Bladzijde.

Alluvium.        7–35

B.

Bouwaarde, zie humus.

D.

Derrie.        12–14

Diluvium.        4–7

G.

Grondhout.        32–33

H.

Humus.        12–33

I.

Inleiding.        1–4

K.

Kienhout, zie grondhout

N.

Naamsoorsprong van Oudewater.        19–22

R.

Rivierbezinking.        18–35

S.

Steigeraarde.        33–34

T.

Teelaarde.        34

V.

Veen (Laag).        11

Y.

Yssel (Hollandsche).        18–35

Z.

Zand (rood).        16–17

Zeebezinking.        18–35

ALPHABETISCH ZAAKREGISTER
DER
MYTHOLOGISCHE SCHETS.

A.

       Bladzijde.

Aardgeesten.        105

B.

Barwoutswaarder.        80

Begrafenisplegtigheden, voorheen en nu.        126–130

Bewijzen, dat de plaats en omtrek waar nu de groote kerk en toren staan, waarschijnlijk eertijds aan heidensche eerdienst gewijd waren, en echter stellig een heidensche begraafplaats was.        113–125

D.

Dierendienst.        100

Drietallen.        107–112

Dwergen.        105

E.

Eijermaandag.        48–50

F.

Feesten en feesttijden.        40–72

G.

Gooplaatsen.        97

Gedrochten.        103

H.

Heilig woud.        82–89

Huisgeesten.        107

I.

Inleiding tot de mythologische schets.        37–40

K.

Kaaloorsche kermis.        62

L.

Looplaatsen.        79

Luchtgeesten.        105–106

M.

Meifeest.        50–59

Midzomerfeest.        59

N.

Naamsoorsprong (iets over den) van Haastrecht.        73–74

Naamsoorsprong»(iets»over»den)»van» Heeswijk.        74–75

Naamsoorsprong»(iets»over»den)»van» Montfoort.        75–76

Naamsoorsprong»(iets»over»den)»van» Wulverhorst.        76

Naamsoorsprong»(iets»over»den)»van» Linschoten.        76–77

Naamsoorsprong»(iets»over»den)»van» Roozendaal.        77

Naamsoorsprong»(iets»over»den)»van» Vliet.        77–78

Naamsoorsprong»(iets»over»den)»van» Benschop, Hoenkoop, Willeskop, Papekop, Reijerskop, Gerverskop, Teccop.        78

Naamsoorsprong»(iets»over»den)»van» Lopik.        78–79

Naamsoorsprong»(iets»over»den)»van» Cattenbroek, Diemerbroek, Polsbroek.        79

Naamsoorsprong»(iets»over»den)»van» Ruigeweide.        79

Naamsoorsprong»(iets»over»den)»van» Hekendorp.        79

Naamsoorsprong»(iets»over»den)»van» Popelendam.        79–80

Nieuwjaarsdag.        45–47

O.

Oestwagen.        63–65

P.

Papenhoeve.        90–91

Plaatsnamen.        72–80

Planten en boomendienst.        92–96

S.

Schagen bij Linschoten.        80

Schakenbosch bij Oudewater.        80

T.

Terpen.        97

V.

Vastenavond partijen.        47–48

Vlietbergen.        97

Vogelvereering.        101–103

Volksgebruiken.        40–72

Vuige pinksteren.        59–62

Vuurdienst.        99–100

W.

Waterdienst.        97–99

Weesboom.        94–96

Wieren.        97

Woudendienst.        80–92

Woudgeesten.        106–107

Wijken.        97

ALPHABETISCH ZAAKREGISTER
DER
GESCHIEDKUNDIGE SCHETS.

A.

       Bladzijde.

Arsenaal.        281

B.

Barak of caserne.        282–283

Beroemde en vermaarde mannen van Oudewater.        354–366

Broekerpoort.        265–266

C.

Caserne.        282–283

Casteel.        277–281

D.

Doele, (De Schutters).        283–287

G.

Gasthuis.        261–263

Geboortehuis van Jacobus Arminius.        314–315

Gevangentoren.        271–276

H.

Heksenwaag.        291–314

Hoofdwacht.        276–277

Huizinge, (Tegenwoordige) der nonnen van de orde des H. Franciscus        249–250

Huizinge,» (Voormalige) der»nonnen»van»de»orde»des»H.»Franciscus»        250–253

Huizinge,» (Voormalige)» der Ridders van St. Jan.        253–255

K.

Kerk der Bisschopp. Clerezie.        222–223

Kerk der Protestanten met toren.        165–212

Kerk der Roomsch Catholijken.        221–222

Kerkenhuis (oud) der R. C.        221

Klooster van Sinte Agnes.        225–230

Klooster»van» Ursula.        230–246

Kruidhuis.        282

L.

Latijnsche School.        287

Lombarden.        288

Linschoter-poort.        266

M.

Magazijn van oorlog.        281

Marken.        160–163

N.

Namen onzer voorouders in deze oorden.        134—153

O.

Opkomst en ontwikkeling der stad, tot aan de eerste bescheiden.        157–164

Oudewaters regt om zitting te mogen nemen in des Lands Hoogen Raad.        345—353

Oudewater en het leven in Oudewater van 1265–1860.        368–536

P.

Proveniershuis.        261–263

R.

Regeringsvorm en Regeringspersonen.        331–345

Romeintoren.        271–276

S.

Schutters doele.        283–287

Slot.        277–281

Stadhuis.        315–319

T.

Toren en Kerk.        165–212

U.

Utrechtsche poort.        267–269

V.

Veerpoort.        264–265

W.

Waardpoort.        267–269

Wapen van Oudewater.        329–330

Wapens van Delft, Oudewater en Alkmaar, onderzoek naar de redenen waarom die in genoemde steden in eenige gebouwen aanwezig zijn.        320–329

Weeshuis.        255–260

IJ.

IJsselpoort.        264–265

Z.

Ziekenhuis.        261